Nieuws categorien Archives: Persoonlijke ontwikkeling

Al een tijdje komt er bij mij een jonge vrouw op bezoek. Ze is doodmoe. Ze zoekt haast wanhopig naar oorzaken. De huisarts vindt dat ze een burn-out heeft. Ze steigert bij de gedachte. Aan het werk kan het niet liggen want ze krijgt van haar baas alle ruimte. Vriendinnen geven goede raad. Meer sporten, dingen doen ‘die je leuk vindt’.  Maar ze komt haar bed haast niet uit.

Aan het werk kan het niet liggen

Mijn cliënte gelooft echt dat het niet aan haar werk ligt. Want: ‘burn-out heeft altijd met je werk te maken’. Ik doe een test en interview haar. Ze is wat zoekende in haar baan. Ze heeft een begripvolle baas en de bedrijfsarts denkt ook mee. Haar partner werkt net zoals zij parttime. Drie kinderen, waarvan de jongsten een tweeling. Druk in het verenigingsleven en een kartrekker voor veel activiteiten. De test wijst uit: ernstig overspannen, op het randje van burn-out.

Modern leven – voor sommige mensen dan

Het idee dat overspannenheid en burn-out alleen maar werkgerelateerd zijn is achterhaald. De oorzaak daarvan is uiteindelijk altijd gebrek aan herstel na vermoeidheid. Werk maakt moe, het privéleven ook. Mijn cliënte heeft moeite met deze boodschap. Ze is dol op haar kinderen, ze wilde ze ook heel erg graag. Haar partner is ambitieus en zij ook. Drukke ochtenden, kinderen naar de opvang brengen: iedereen om haar heen doet het. Erkennen dat ze deels verantwoordelijk is voor haar klachten doet haar zichtbaar pijn. Oplossingen liggen niet zomaar voor de hand. Maar de dag dat zij thuis is met de kinderen, is ze ’s avonds zo bekaf, dat ze om acht uur op bed ligt.

Saaaaaai

Geleidelijk aan begint voor mijn cliënte mijn aanpak te werken. Rust, rust en nog eens rust. Hulp van ouders inschakelen, ’s avonds geen gedoe meer, geen afspraken in het weekeinde, stoppen met hard sporten en lekker ontspannen rustig wandelen. Afspraken met haar hardloopgroepje afzeggen. Tijdelijk maar eens niet actief zijn in de carnavalsvereniging. Ze krijgt er tranen van in haar ogen over al die gemiste kansen en ‘het is zó saai!’. Maar na een paar maanden slaapt ze beter en voelt ze zich ’s ochtends steeds beter uitgerust. Na vier maanden praten we over haar leefstijl, een betere balans en haar perfectionisme. Haar partner komt ook een keertje mee praten. Het gaat nu, een jaar later, veel beter. Maar ze vindt het soms wel saai, haar nieuwe leven.

En wat heeft dat nu met vakantie te maken?

Wij krijgen veel prikkels om ons leven leuk te maken. Sociaal aanvaard gedrag betekent vaak: veel willen doen en niks willen missen, in je kracht gaan staan, je passie volgen en je droombaan zoeken. Het leven is een feest, maar je moet wel zelf de slingers ophangen. En de social media vertellen ons dat we sukkels zijn als wij ook geen geweldig leven hebben. We moeten veel, vakanties en droombanen en passie. Ik word al moe van het idee.

Ja, maar wat heeft dat nou met vakantie te maken?

Ik wil deze serie afsluiten met een pleidooi voor kalmer, bewuster en tevredener leven. Ik wens u toe dat u voortdurend uw grenzen in de gaten houdt. Dat u op tijd stopt met druk doen. Dat u tevredener bent met wat u heeft of doet. Niet omdat ik dat zeg, maar omdat u vanuit uw hart en ziel weet dat het gezonder is.

Dat u geluk en gezondheid in uw eigen achtertuin kunt vinden, als u er naar wilt zoeken.

 

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Als arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.

 

 

Het is wat met die stress. Nadat ik deel 2 van deze serie af had, zat ik even uit het raam te staren. Komt net mijn baas langs. Hij keek me aan met een blik van ‘heb jij niks te doen?’ Ik weet niet of het schrijven van blogjes over stress hem overtuigt.

Niksen op je werk

Uit het raam staren heet in de literatuur over stress een ‘micro-pauze’. Een moment waarop het parasympathische zenuwstelsel de ruimte krijgt om allostatische processen in het lichaam te herstellen. Mooi hè? Kort snel inademen en heel rustig en traag uitademen heeft ook dat effect. Daarom besteden veel meditatietrainingen zoveel aandacht aan de ademhaling. Kortom: niksen op je werk kost weinig moeite, maar heeft een groot effect. En nog wetenschappelijke bewezen ook!

Waarom is niksen zo moeilijk

Vroeger, toen ik nog onder de indruk was van autoriteiten, was een moeilijke blik van mijn baas al genoeg om mijn hartslag een paar tellen sneller te doen slaan. En mijn moeder was een kruideniersdochter. Haar adagium was ‘van hard werken ga je niet dood’. En ook ‘ik doe het wel, het is geen moeite’. Haar normen en waarden zijn de mijne geworden. Tot op de dag van vandaag kan ik mij soms illegaal voelen wanneer ik zit te niksen en mijn vrouw een karweitje aan het doen is. Gelukkig herinnert mijn smartphone mij eraan dat ik mijn mail nog moet checken.

De grote sloper

Sociale druk, normen en waarden, moderne technologie: allemaal aanjagers van drukte en stress. Er zijn er nog veel meer maar dat gelooft u vast wel. Waar het om gaat is dat stress die aanhoudt op termijn een sloper is. Veel onderzoek wijst langdurige stress aan als hoofdverdachte voor hart- en vaatziekten, chronische ontstekingen, mogelijk ook sommige auto-immuunziekten en meer. Het is misschien wel welvaartsziekte nummer één. Het wordt tijd voor een lijstje met gouden tips.

Gouden tips (wat dacht u dan?)

Goed slapen levert 80% van je herstel. Maar dan moet je wel op tijd naar bed. Als je gewend bent om jezelf wijs te maken dat je makkelijk met 6 uur slaap toe kunt wil ik je graag ontmoeten. De kans dat ik zo iemand ontmoet, is namelijk kleiner dan de kans om door de bliksem getroffen te worden.

Nog meer gouden tips

Maak eens een verschil tussen dingen die je leuk vindt om te doen en dingen waarvan je herstelt. Moeilijke boeken lezen, televisie kijken, beeldschermwerk, sporten: het is allemaal leuk en belastend. Helaas geldt voor veel mensen dat ontspannen ook saai is. Een beetje niksen, mijmeren, drentelen, luiwammesen, lamballen. Je begrijpt: ik ben een groot fan van lamballen, zeker vlak voor het slapengaan. Ik ben ook dol op saaie vakanties waarin niks gebeurt. Jij rilt al bij de gedachte.

Kan zoiets ook op het werk?

Jazeker! Micro-pauzes nemen. Dingen plannen en je dan aan die planning houden. Jouw eigen agenda beheren en bewaken. Hulp vragen. Nee zeggen, ook tegen veeleisende managers en klanten. Onderhandelen over termijnen, deadlines. Werk doen dat goed aansluit bij jouw intrinsieke motivatie. Zo min mogelijk overwerken en in het weekeinde helemaal niet werken. Het idee alleen al geeft je de kriebels. Omgaan met die kriebels is iets voor mijn volgende blog.

 

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Als arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.

 

 

Heerlijke vakantie gehad. Geweldige accommodatie met fantastische voorzieningen. Heerlijk bed, goede keuken. Veel dingen te doen. Makkelijk bereikbaar, leuke mensen om me heen. En spotgoedkoop! Het is een nogal exclusief resort met maar twee gasten. Mijn vrouw en ik. Thuis.

Lekker ontspannen de zomer in en uit

Mijn vrouw en ik zijn notoire thuisblijvers. Andere mensen reageren daar vaak verbaasd op. Maar ook met ‘Tjonge, da’s wel lekker ontspannen’. Zelf heb ik een nogal druk hoofd en reizen maakt mijn hoofd niet bepaald rustiger. Thuis heb ik alles wat me ontspant. Toegegeven: omdat ik niet reis maak ik weinig mee. Ik mis het niet en dat is misschien het grote verschil met andere mensen.

Gezocht: ontspanning

Niet iedereen is hetzelfde, dat snap ik. Maar waarin de meeste mensen niet van elkaar verschillen is de behoefte aan herstel na inspanning. Toch leven veel mensen alsof ze die behoefte niet hebben. Na een drukke werkweek zijn ze ’s avonds nog druk met sporten, ze plannen hun weekeinde lekker vol en gaan graag actief op vakantie. Veel mensen denken dat ze zich zo ontspannen. Dat klopt niet.

Stress: normaal en nodig

Drukte en stress zijn de rode draad in het leven van mensen. Toch zullen ze zeggen dat het niet waar is. ‘Ik heb geen stress’ zeggen ze dan. En ze vergissen zich. Stress is het verkeerde woord dat ingeburgerd is geraakt, maar dat eigenlijk betekent: activering. Zonder die activering (vooruit dan: zonder die stress) kom je je bed niet uit. Stresshormonen maken je actief, zorgen voor brandstof en na inspanning voor het aanvullen van je energiereserves. Elke keer dat je inademt, activeer je je stress-systeem en dat is maar goed ook.

De grote vergissing

Moeilijke boeken lezen, gitaar leren spelen, goede gesprekken voeren, eten koken, naar Frankrijk op vakantie: allemaal leuk én belastend. Hoe graag je ook werkt: het is vermoeiend. En we maken een grote vergissing: leuk is niet hetzelfde als ontspannen. We halen die dingen stelselmatig door elkaar. Daarmee blijven we te moe. Ik ben ervan overtuigd dat veel mensen leven op wat ‘compensatoire stress’ wordt genoemd: een truc van je lichaam om je langdurig aan de gang te houden. En waar je dan aan went. Een ander woord ervoor is ‘roofbouw’. De meeste mensen ontkennen het.

Nederlanders niksen niet

In de New York Times stond dat wij Nederlanders het concept ‘niksen’ hebben uitgevonden. Dat is ons geheim tegen stress. Maar wij niksen zelden of nooit. Wij zijn vooral druk met leuke dingen. Onze arbeidsproductiviteit hoort bij de hoogste ter wereld. Wij kennen het spreekwoord ‘van hard werken ga je niet dood’. Als niksen betekent lekker lui met je smartphone op de bank hangen, dan hebben ze het in New York niet begrepen.

Niksen op je werk

We zouden moeten leren om te niksen. Maar dan echt. Daarover gaat mijn volgende blog. Zo, en nou ga ik een tijdje uit het raam zitten staren want ik heb nog veel te doen.

 

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Als arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.

 

 

Het is toch wat. Heb ik net vier weken vakantie gehad, ben ik na mijn eerste werkweek alweer bekaf. En het was zo fijn aan de cote d’azur. Natuurlijk wel druk op de weg, maar dat hoort erbij. Mooie camping. Wel erg heet, dus slapen was af en toe geen pretje. En zo’n camping is toch soms best druk. En de rit naar huis (in één keer, want zonde van de tijd) was eigenlijk toch best lang.

Lekker ontspannen de zomer in

Familie, vrienden, collega’s en klanten: allemaal lijden ze onder de pre-vakantie drukte. Gelukkig lonken er een paar weken vrij en dan: ontspannen en genieten geblazen. Jammer dat het lichaam daar toch wat anders over denkt…

Ontspannen kost tijd

Vergelijk heel druk zijn vlak voor je vakantie met ’s avonds gaan sporten. Wie lukt het om na een paar rondjes in de sportschool meteen goed in te slapen? De adrenaline giert nog door je lichaam en je ligt nog na te stuiteren in je bed. Pas na een uurtje of wat rust lukt het om te gaan slapen.

Is ontspannen wel zo ontspannen?

Ook na een periode van hard werken heeft het lichaam tijd nodig om tot rust te komen. En vakantie is ontspannen, toch? Ja, door Franse dorpjes slenteren, of genieten van het uitzicht in een skilift waarschijnlijk wel. Maar vakantie betekent vaak ook: lange autoritten. Hitte. Niet zo lekker slapen als thuis in je eigen bed. Voortdurend nieuwe indrukken. Opletten of je voor ’s avonds een leuke camping gevonden hebt. En dan heb ik het nog niet eens over die Franse hurk-WC’s…

Herstel is het sleutelwoord

Vakantie is voor veel mensen leuk. Ze zouden al die ervaringen niet willen missen en daar is niks mis mee. Maar leuk is niet per definitie hetzelfde als ontspannen of herstellen. Veel mensen zijn ook in hun vakantie erg actief en de tijd van echt ontspannen en daarmee herstellen van alle vermoeidheid is vaak korter dan je denkt. Kort gezegd: de meeste vakanties zijn leuk maar vermoeiend.

Valse start

Veel mensen leven dus in de illusie dat ze na de vakantie hersteld zijn van alle vermoeienissen. Weer terug op het werk is het contrast met de vakantie trouwens ook nog eens erg groot. En dat is op zich ook weer belastend. De wekker gaat weer en altijd net iets te vroeg. De eerste deadline dient zich weer aan. De mailbox zit weer vol. Maar gelukkig is het over een maand of vier alweer Kerstmis.

Hoe dan wel op vakantie?

Echt uitrusten betekent minder doen. Luieren, lantefanteren, lamballen. In drie etappes rustig naar Spanje rijden. Veel pauze nemen. Voor je tent in een stoel hangen en niks doen. Maar dan ook echt niks doen. Mensen kijken, mijmeren. Maar vooral: op zo’n manier werken dat je voor je vakantie al hersteld bent van alle vermoeienissen van het werk. Daarover gaat mijn volgende blog.

Maar ik ga eerst op vakantie: ik blijf thuis. Fijne vakantie!

 

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Als arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.

 

 

 

Hoe neem je verantwoordelijkheid voor je eigen inzetbaarheid als je vandaag niet weet wat de arbeidsmarkt morgen van je verwacht?

De arbeidsmarkt wordt steeds complexer en competitiever. Ontwikkelingen volgen elkaar, onder invloed van globalisering en technologische ontwikkelingen, steeds sneller op. Gevolg is een veranderende visie op loopbanen. Een carrière verloopt vandaag de dag steeds minder stapsgewijs. Het is eerder een reeks van ervaringen waarbij je je telkens weer nieuwe kennis en vaardigheden eigen maakt en leert vanuit een ander perspectief naar zaken te kijken.

Binnen de dynamische en vaak onvoorspelbare wereld van werken, wordt er van je verwacht dat je verantwoordelijkheid neemt voor je eigen inzetbaarheid. Maar hoe doe je dat als je vandaag niet weet wat de arbeidsmarkt morgen van je verwacht?

Trends die jouw loopbaan beïnvloeden

1. Globalisering van de arbeidsmarkt

De globalisering van de arbeidsmarkt neemt een steeds grotere vlucht. Meer en meer organisaties werken over grenzen heen. Ze laten bijvoorbeeld bepaalde rollen en taken in andere landen uitvoeren.

2. Kunstmatige intelligentie (AI), robotica en automatisering

De instroom van kunstmatige intelligentie (AI), robotica en automatisering op de werkplek is het afgelopen jaar enorm versneld. Met als gevolg een veranderende vraag naar kennis en vaardigheden binnen en buiten organisaties. Hierbij gaat het niet alleen over het opnieuw ontwerpen van banen of het verder automatiseren van routinematig werk, maar juist ook om een fundamentele herinrichting van het werk. De vraag naar complexe probleemoplossende, cognitieve, maar ook sociale vaardigheden groeit.

3. Flexibiliseren van werk

Het flexibiliseren van werk neemt toe. Dit is van invloed op de type contracten die we afsluiten, de werktijden, maar ook de locatie van werken. Loopbanen zijn steeds minder afhankelijk van fysieke en psychologische grenzen.

4. De grens tussen werk en privé vervaagt verder

Naarmate de grens tussen werk en privé verder vervaagt, ontstaat er vanuit de werknemer een toenemende behoefte aan programma’s gericht op fysieke, mentale, financiële en spirituele gezondheid. Bedrijven spelen hier overigens nog maar zeer matig op in.

5. Individuele kernwaarden en intrinsieke drijfveren

Ontwikkeling van de loopbaan wordt meer en meer bepaald door individuele kernwaarden en intrinsieke drijfveren. Bedrijven krijgen steeds meer aandacht voor programma’s die niet alleen gericht zijn op talentontwikkeling, maar waar ook aandacht is voor maatschappelijke verantwoordelijkheid.

6. Gezondheid en vitaliteit

Gezondheid en vitaliteit zijn actuele thema’s in de gehele maatschappij. Ook organisaties zien het belang er steeds meer van in. De aandacht verschuift van verzuim naar: hoe houd je medewerkers vitaal en fit genoeg om langer door te werken?

Wat betekenen deze trends voor jouw loopbaan?

Duurzame inzetbaarheid

Duurzame inzetbaarheid is een hot topic. Met name grote organisaties investeren in beleid dat ervoor zorgt dat mensen employable blijven. Tegelijkertijd verwachten werkgevers meer en meer van jou als medewerker dat je je verantwoordelijkheid neemt voor je eigen inzetbaarheid. Ben hier dus bewust van en werk aan je duurzame inzetbaarheid met de tools die jouw organisatie biedt of zoek hulp van een externe coach.

Loopbaan-APK

In het verlengde van duurzame inzetbaarheid krijgen bedrijven de komende jaren steeds meer aandacht voor de zogeheten ‘loopbaan-APK’. De loopbaan-APK is een jaarlijkse update van jouw kansen en waarde op de arbeidsmarkt. Inclusief tips om deze waarde te vergroten. Je kunt ook zelf de regie in handen nemen en met behulp van een loopbaancoach je APK jaarlijks updaten.

Digitale toepassingen

Digitale toepassingen spelen een steeds belangrijkere rol bij loopbaanontwikkeling en loopbaanbegeleiding. Denk hierbij aan zoekmachines, maar ook aan e-coaching en social media. De kans dat je vindt wat je zoekt wordt almaar groter, omdat de software steeds vaker werkt met synoniemen, kansrijke alternatieven en machine learning.

24-uurs economie

Het is belangrijk om na te denken over hoe je om wilt gaan met de 24 uurs economie. De lijn tussen werk en privé vervaagt. Maak voor jezelf scherp wat jouw waarden en drijfveren zijn. Wat betekenen de vervagende lijn tussen werk en privé en jouw waarden en drijfveren voor de keuzes die jij maakt in het kader van jouw loopbaan?

Interne en externe netwerken

Ook de grenzen tussen de interne en externe arbeidsmarkt vervagen. Het is daardoor steeds belangrijker om interne en externe netwerken op te bouwen en natuurlijk te onderhouden.

Opleidingsmarkt

Wil je een opleiding volgen? Realiseer je dan dat het aanbod op de opleidingsmarkt niet altijd perse aansluit op wat jouw (potentiële) werkgever aan opleidingen verwacht. Maatwerkprogramma’s afgestemd op de ontwikkeling van jouw organisatie of binnen jouw branche hebben vaak meer impact.

Vitaliteit

Wat betekent vitaliteit voor jou? Sturing hierop is steeds meer een elementair onderdeel van employability en strategische personeelsplanning. Fit voor de arbeidsmarkt betekent immers ook steeds letterlijker ‘fit zijn’.

 

 

In een grijs verleden ging ik naar de pedagogische academie. Achteraf is het voor alle betrokkenen maar goed dat ik nooit voor de klas ben gegaan. Zelf kan ik ‘links’ en ‘rechts’ maar nauwelijks uit elkaar houden. Waarom dan de keuze voor die opleiding? Nou, omdat een paar vrienden er ook naartoe gingen. En dan kon ik mooi met ze meefietsen. Geen sterk verhaal, zo zul je denken.

Keuzes maken na je veertigste

Mijn collega Kelly vroeg me om een blogje over loopbanen aan te leveren. Wat zij niet weet, is dat ik – ervaren loopbaanadviseur– nooit aan loopbaanplanning gedaan heb. Laat staan een loopbaanworkshop met een groep lotgenoten. Sterker nog: ik begon pas aan zelfreflectie op mijn veertigste.

Later? Hoezo, later?

Maar wat moet je nou als je echt niet weet wat je later wilt worden? In de zesde klas lagere school –  zoals dat toen nog heette – wilde ik de verpleging in. Maar op de HAVO bleek scheikunde lastig. En ik viel bij het vak biologie onmiddellijk in slaap. Het kleine beetje besef van een mogelijk beroep verdween onder de strenge woorden van mijn mentor. ‘Voor de verpleging heb je scheikunde nodig en dat kun jij niet.’ Een alternatief had mijn mentor niet.

Je raadt het misschien al: met de hakken over de sloot eindexamen gedaan. En braaf elke dag naar de pedagogische academie fietsen met mijn vrienden. Wel gezellig, dat dan weer wel.

Leren gaat soms langzaam

Ook mijn keuze voor arbeids- en organisatiepsychologie was uiterst wankel onderbouwd. Ik geloof dat ik tegen mijn ouders iets mompelde van ‘gedrag van mensen is wel lollig om naar te kijken’. Om na mijn doctoraal vervolgens als personeelsfunctionaris in een fabriek te gaan werken. Past helemaal niet bij mijn karakter, maar zoals je al weet: ik kwam pas tot zelfinzicht na mijn veertigste. Hoezo ‘bewuste loopbaankeuze’?

Doe het niet!

Uiteindelijk is het allemaal wel goed gekomen, maar echt handig was het allemaal niet. Wat voor lering valt hier nu uit te trekken? Misschien wel de allerbelangrijkste les: je hoeft helemaal niet te weten wat je later worden wilt en daar is helemaal niks mis mee. Zelfreflectie en geplande, weloverwogen keuzes maken is maar voor weinigen weggelegd. Veel loopbanen zijn ‘gelegenheidscarrières’. De meeste van ons rommelen maar wat aan en komen uiteindelijk goed terecht. Zonder loopbaanadviseur en zonder de Horizon loopbaantrajecten van Beteor.

Maar ik zou willen dat ik dertig jaar geleden in zo’n Horizon loopbaantraject terecht gekomen was. In een groep gelijkgestemden nadenken over loopbaankeuzes had me een hoop gedoe bespaard.

 

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Als arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.

 

 

 

Je weet natuurlijk allang dat wanneer je met natte haren naar buiten loopt, je hartstikke verkouden wordt. En dat wanneer je je handen niet goed afdroogt, je later reuma krijgt. En iets wat haast niemand weet, is dat die hele maanlanding een grote bedriegerij is. Trouwens: de maan is gemaakt van kaas, de aarde is plat en psychologen kijken dwars door je heen.

Zoete koek

Wat wèl waar is, is dat de kerstman helemaal niet uitgevonden is door een bekende frisdrankfabrikant uit de Verenigde Staten. Maar je zou ze de kost moeten geven, die deze ‘urban legend’ geloven. Maar dat kun je nalezen op Wikipedia, en wat daar staat is altijd waar.

Even serieus

Er wordt veel geld verdiend met onzin. Veel alternatieve geneeswijzen berusten bijvoorbeeld op het placebo-effect – dat overigens wel echt bestaat. Maar worden door experts verkocht als wetenschappelijk valide en goed onderbouwd. In mijn eigen vakgebied blijven mensen geloven in het bestaan van de midlife crisis, het lege nest syndroom, het bestaan van leerstijlen en de wijsheid van het enneagram. Allemaal onzin, maar de mensen willen bedrogen worden.

Blue Monday

En nu moeten we met zijn allen op een of andere maandag eind januari vreselijk somber zijn, want dat is de somberste dag van het jaar. Om allerlei redenen. En er is een zogenaamde wetenschappelijke formule om het te onderbouwen. Ook weer onzin natuurlijk. Kijk, daar word ik nou pas echt somber van.

Maar zit er dan toch geen kern van waarheid in?

Natuurlijk bestaat er zoiets als de ‘winter blues’. Sommige mensen hebben echt baat bij een daglicht-lamp bij het opstaan tijdens de donkere dagen voor en na kerstmis. En onder de kerstboom realiseren sommigen zich dat ze opzien tegen weer een jaar in een baan die niet echt bij ze past. Of die veel te druk is. Maar loopbaanvragen kunnen zich het hele jaar aandienen. Sterker nog: ik gun iedereen een moment van zelfreflectie. Maar liefst wat vaker dan alleen op Blue Monday.

Maar het verkoopt wél!

Loopbaanadviseurs zoals ik spelen natuurlijk wél handig in op Blue Monday. Door jou allerlei workshops aan te bevelen, die we via de social media handig getimed onder jouw aandacht brengen. Individuele loopbaanbegeleiding bij Beteor bijvoorbeeld. Of onze Horizon loopbaanprogramma’s. Blue Monday bestaat dan wel niet, maar van die programma’s word je elke dag van het jaar heel opgewekt. En da’s een feit!

 

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Als arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.

 

 

 

Tja, je bent een man van middelbare leeftijd met een nieuwe hobby. Een hobby met fraaie spullen die herrie maken. Voel je hem al aangekomen? Midlife crisis? Weltschmertz? ‘Rage against the dying of the lights’? Of is hier meer aan de hand?

Ruim drie jaar geleden besloot ik gitaarles te nemen. Ik speel al jaren als drummer in een rockband. De aanblik van mijn bandgenoten met schitterende gitaren om hun nek werd me teveel. ‘Dat wil ik ook kunnen’, dacht ik op een dag. Een gitaarleraar was zo gevonden en de eerste les was via de telefoon snel geboekt. “Wat heb ik nodig?” vroeg ik aan mijn nieuwe leraar. “Een gitaar”, zei hij.

Dingen zijn vooral heel moeilijk

Ik keek met gemengde gevoelens uit naar mijn eerste les. Op de middelbare school was ik gefrustreerd afgehaakt bij de muziekles. Eigenlijk was ik bij bijna alle vakken afgehaakt. Mijn muziekleraar had, net zoals zijn meeste collega’s, maar één indruk echt doen beklijven: zijn vak was moeilijk. En gitaar spelen gaat over akkoorden en toonladders en dus: moeilijk! Niet voor mij weggelegd. Mijn omgeving vond er ook wat van. “Leuk, maar op jouw leeftijd wordt je natuurlijk geen Jimi Hendrix meer”. Terwijl ik naar mijn eerste les reed dacht ik nog: ‘waar begin ik aan…’.

Wat hebben ze je wijsgemaakt?

Mijn gitaarleraar dacht er heel anders over.”‘Hoe oud ben jij dan? En hoezo, moeilijk? Heb je het al ooit eerder gedaan dan? Wat hebben ze jou wijsgemaakt? Ik zal jou eens wat vertellen, over drie jaar speel jij gitaar en weet je meer van toonladders en akkoorden dan die maten van jou in je band. Ik verwed er een krat bier onder. Maar dan wel Duits bier!”

Ja maar, dat kan toch niet?

Inmiddels ben ik drie jaar verder en hij had gelijk. Ik kan aardig gitaar spelen en ik kan theorieles geven aan de gitaristen in onze band. Ik kom nog niet eens in de buurt van Jimi Hendrix, maar ik weet wel hoe hij speelt. Ik kan zijn muziek analyseren en weet wat en hoe ik moet oefenen. Ik heb, kortom, alle bagage om zelfstandig en met de goede techniek op de gitaar uit de voeten te kunnen. Had ik dat drie jaar geleden durven denken? Nee, maar waarom eigenlijk niet? En wat heeft mijn gitaarleraar gedaan om te voorkomen dat ik gefrustreerd af zou haken?

Het is niet moeilijk, maar je moet er wel wat voor doen

Pas na twee jaar les hoorde ik mijn leraar voor het eerst zeggen: “Dit is een lastig stukje”. Mijn leraar is er een meester in om geen drempels op te werpen. Zijn stelregel is: analyseer wat je wilt leren en in welke stapjes je dat kunt doen. Hij is een koppige optimist die er in gelooft dat je heel ver kunt komen, mits je goed oefent – met de nadruk op goed.

Gitaar ‘spelen’ is iets anders dan gitaar ‘studeren’

Mijn leraar heeft mij geleerd wat ‘deliberate practice’ is. Zomaar met het verstand op nul voor de televisie gaan zitten tokkelen is niet hetzelfde als studeren. Sterker nog: het vergroot de kans dat je fouten gaat zitten oefenen. Studeren is: beslissen wat je wilt gaan oefenen en jezelf een doel stellen. Vervolgens je herinneren wat je daarvoor moet kunnen en waar je op moet letten. En tenslotte weten hoe je dat dan moet gaan oefenen.

Hoe pakt dat nou uit voor – bijvoorbeeld – het aanleren van andere vaardigheden? Hoe zit het bijvoorbeeld met beter leren communiceren?

Stap 1: wat wil ik eigenlijk oefenen?

‘Beter leren communiceren’ is niet concreet genoeg. Kijk eens naar jezelf door de ogen van een ander. Wat ziet die ander, als je ‘beter aan het communiceren bent’? Stel je open vragen? Vat je de woorden van de ander accuraat samen? Merkt de ander dat je jouw gevoelens beter onder woorden kunt brengen? Merkt de ander dat je slecht nieuws respectvol, maar ook duidelijk overbrengt? En welke woorden gebruik je dan?

Stap 2: jezelf eraan herinneren wat je dient te onthouden

‘Open vragen leren stellen’ is al een stap concreter. Maar wat zijn eigenlijk open vragen? Hoe kun je van een gesloten vraag een open vraag maken? Wanneer zijn open vragen nuttig en wanneer kun je beter een gesloten vraag stellen? Hoe voorkom je dat jouw open vragen de ander beginnen te irriteren? Wat wil je eigenlijk met het stellen van open vragen bereiken?

Stap 3: weten hoe je moet oefenen: neurologie in actie

Een basiswet uit de neurologie luidt: ‘Neurons that fire together, wire together’. Handelingen of gedachten die door jou worden herhaald versterken de verbindingen tussen jouw hersencellen. Soms wat sneller – motorische vaardigheden zoals gitaar leren spelen – en soms wat trager, zoals jouw mening over bijvoorbeeld religie of sexualiteit.

Goed nieuws: hersenen blijven tot op hoge leeftijd behoorlijk plastisch en oefenen helpt. Slecht nieuws: onze hersenen onthouden van alles, dus als je fouten oefent word je heel goed in fouten. Dat betekent kleine stappen foutloos oefenen. En niet te lang omdat jouw concentratie afneemt en de kans op het oefenen van fouten dan toeneemt.

Een tweede wet luidt: ‘If you don’t use it, you’ll loose it’. Verbindingen tussen hersencellen zwakken af wanneer ze niet worden gebruikt. En dat betekent dus: regelmatig oefenen met niet te grote tussenposen en veel pauzes – hersenen hebben rust nodig en blijven zich ontwikkelen, ook wanneer je even niet oefent. Elke werkdag één moment kiezen – een vergadering, een gesprek – om vijf minuten lang open vragen te oefenen. En daarna weer gewoon jezelf zijn. Mijn gitaarleraar noemt dat de ESD-methode: Every Single Day. Voor de ‘S’ gebruikt hij ook vaak een ‘F’. Hij blijft tenslotte een ouwe rocker…

 

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Diem WolffAls arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.

 

 

“Waarom doen ze nou niet gewoon wat ik zeg?”

Sommige pas benoemde leidinggevenden die ik spreek verzuchten wel eens: “En dan bén ik de baas, doen ze nóg niet wat ik zeg!” Tja. Kennelijk is het dus niet voldoende om de ‘sterren en de strepen’ te hebben om invloed op anderen te hebben. Hieronder 3 tips om het gedrag van anderen te veranderen.

Gedrag veranderen? Dat is toch manipulatie?

Manipulatie is onvermijdelijk tussen mensen. Iedereen die iets van een ander wil manipuleert en beïnvloedt. Net zoals voor communicatie geldt: ‘Je kunt niet niet-communiceren’ (Watzlawick 1970), kun je ook niet niet-beïnvloeden. Tenzij je helemaal niks met elkaar te maken hebt. Daarmee zijn manipulatie en beïnvloeding an sich waardevrije begrippen. De doelen die je nastreeft met je beïnvloeding zijn dat echter niet. Iemand die zich gemanipuleerd voelt heeft vooral last van je doel, dat bijvoorbeeld als onterecht of verborgen ervaren wordt.

Leestip: Diem Wolff over de 5 stappen op weg naar meer invloed.

Eerst de bodem: waarom veranderen mensen hun gedrag?

De filosoof Hume zei het al: de mens is een slaaf van zijn passies. Eerst komt het gevoel, dan pas het verstand. Het gevoel is snel en actief, het verstand is traag en lui. Een bekende metafoor in dit verband is die van de olifant en zijn berijder (Haidt 2006). De olifant staat voor de emotionele mens, de berijder voor de rationele, denkende mens.

Een van de denkfouten die de berijder vaak maakt, is dat hij denkt dat hij de baas is over de olifant. De olifant, echter, gaat gewoon zijn gang en heeft bij wijze van spreken al de afslag genomen voor de berijder zijn hand heeft uitgestoken. Waar de berijder wél goed in is, is achteraf het gedrag van de olifant goedpraten.

Leestip: Diem Wolff over passie in je werk.

Gemak en gelegenheid

Een andere belangrijke factor bij gedragsverandering is het gemak of de gelegenheid die mensen ervaren om gedrag te veranderen. Stel, mijn vrouw heeft me na weken zeuren eindelijk zo ver dat ik de beukenhaag ga snoeien. Ik vind het snoeien van de beukenhaag uitgesproken rotwerk. En ik ben liever lui dan moe.

Maar afijn, terwijl ze wegfietst naar haar werk ga ik zuchtend en steunend aan de slag: verlengsnoer, kabelhaspel en dan: op naar het tuinhuisje voor de snoeischaar. Tuinhuisje op slot, dus weer terug naar de keuken, op zoek naar de sleutel….die nergens te vinden is. Na een kwartier scheldend en vloekend zoeken geef ik het op en ga gitaar spelen.

Mijn vrouw is ’s avonds natuurlijk niet boos maar verdrietig en de rapen zijn helemaal gaar als de sleutel van het tuinhuisje in de zak van haar jas blijkt te zitten…die ze aanhad toen ze weg was naar haar werk.

Kortom: elke beïnvloedingsstrategie die geen rekening houdt met de gevoelens van de ander, die niet appelleert aan het verstand en het de ander niet gemakkelijk maakt om te veranderen, is gedoemd te mislukken (Heath & Heath 2010).

Tip 1: praat met de olifant

Bedenk dat de olifant groot en sterk is. Als hij meewerkt verzet hij bergen, maar ook: hij schrikt snel en hij háát het maken van fouten (ook al zegt hij iets anders…). Geef de olifant dan ook het gevoel dat hij er toe doet en dat hij mee mag denken. Een olifant die zich niet gehoord voelt, gaat harder roepen. Luisteren, doorvragen en samenvatten zijn essentiële vaardigheden.

Vraag naar zorgen, interesses, ambities en vraag dóór. Deel de beoogde veranderingen op in kleine, maar haalbare stappen in de goede richting. Bedenk dat straffen en de vinger op zere plekken leggen misschien intuïtief wel goed voelt, maar helemaal niet zo effectief is als de meeste mensen denken. Geef juist veel complimenten en bekrachtig op die manier het gewenste gedrag.

De olifant moet het leuk en de moeite waard vinden om in beweging te komen.

Doe dat vooral ook wanneer je zelf denkt ‘dat het niet opschiet’ of ‘dat er veel meer in had gezeten’. Blijf opletten en stuur op tijd bij als het mis gaat: de olifant zal sneller dan je denkt overhellen en loopt dan geheid de andere kant op!

En tenslotte: de olifant moet het leuk en de moeite waard vinden om in beweging te komen. Schets een wenkend perspectief, iets dat de moeite waard is en dat enthousiasme losmaakt. Verhalen helpen goed, net zoals plaatjes en positieve ervaringen.

Tip 2: praat met de berijder

De berijder is de bewuste denker en de planner die vooruit kijkt. Helaas beschikt de berijder over hersens die denken wat ze willen, of dat nou goed of slecht is. En trouwens: veel van wat die hersens denken ligt nogal voor de hand en is gevormd door ingesleten gewoontes. En daarbij verzetten die hersens zich ook nog eens tegen mentale training (iedereen die heeft geprobeerd om volgens de regels der kunst te leren mediteren weet waarover ik het heb).

Gelukkig is de berijder geholpen met heldere doelen, maar niet teveel tegelijk, dus: focus en prioriteiten! En het helpt enorm om kritische stappen op weg naar het doel goed door te praten en te voorzien van hulpmiddelen.

Denk aan wekelijkse gesprekken, vragen naar gewenste ondersteuning, handleidingen, checklists, stappenplannen. En de berijder heeft er veel baat bij wanneer hij geholpen wordt om anders en beter te leren denken over zijn eigen kwaliteiten en valkuilen én die van anderen.

Tip 3: maak het de ander gemakkelijk om te veranderen

Leg – kortom – de sleutel van uw tuinhuisje klaar én in het zicht van de berijder… De kunst is hier om het pad voor de olifant en de berijder te effenen. En dat kan gelukkig op heel veel manieren.

Goede werkinstructies, checklists en protocollen helpen, net zoals on-the-job training en coaching. Mensen zijn gewoontedieren en dus is het zaak om goede gewoonten snel op te sporen en met elkaar te delen, bijvoorbeeld tijdens het werkoverleg. Het helpt om kleine ‘fanclubs’ te vormen van mensen die samen graag aan één bepaald thema werken en die elkaar dus kunnen helpen. Niet alleen met inhoudelijke zaken, maar ook om elkaar sociale steun te bieden en elkaar aan de gang te houden.

Het vieren van successen en het steeds weer terugkomen op het grotere geheel of het einddoel helpt omdat mensen op die manier steeds blijven zien ‘waar ze het ook alweer allemaal voor doen’ (maar omdat de berijder nogal lui is, moet u het wel vaak herhalen…).

Onze adviseurs helpen jou bij het tot een succes maken van veranderingen in jouw organisatie. Verken de mogelijkheden of neem direct contact op.

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Diem WolffAls arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.

 

Gerelateerde pagina’s

 

“Hoe krijg ik het voor elkaar”

In mijn coachingspraktijk ontmoet ik prachtige mensen. Tijdens de kennismaking met Richard knijpt hij zowat mijn hand fijn. Richard is gestuurd door zijn baas die vindt dat hij beter moet leren communiceren. Daar is Richard snel klaar mee. “Ik zeg gewoon wat ik ervan vindt, maar dat vinden ze lastig! Als iedereen eerlijker zou zijn, zou het bij ons veel harder opschieten. Gedoe allemaal!” zegt hij, terwijl hij me aankijkt met een blik van ‘you gotta a problem with that?’ Richard wil graag weten hoe hij meer invloed kan hebben over de mensen in zijn team.

Klacht of behoefte?

Achter Richard’s geklaag zit een diepe behoefte aan snelle resultaten en samen de schouders eronder zetten. Gewoon kunnen zeggen waar het op staat en daarna: even goede vrienden. Maar het lukt maar niet om iets te veranderen aan de situatie. Zijn oplossing is tot nu toe: zuchtend en steunend alles dan maar zelf doen en ‘gaatjes dichtfietsen’. En natuurlijk zeggen waar het op staat, want “Zo zit ik nou eenmaal in elkaar”.

En nou zit hij bij mij. Hij heeft geen idee wat te doen. Een andere baan zoeken? Dat kan, maar hoeft niet. Samen kijken we eerst naar zijn stijl van beïnvloeden.

Zo ben ik nou eenmaal

Dat zeggen cliënten wel vaker: “Ik wil wel veranderen, maar zo ben ik nou eenmaal”. Een ‘zelf-annulerende hulpvraag’ (Louis Cauffman). En nu? De oplossing is even simpel als lastig: werken aan jezelf. Er zijn boekenkasten volgeschreven over zelfontwikkeling en karaktervorming. In de Griekse oudheid wensten de stoïcijnse filosofen de mens al een kalme gemoedsrust toe en het vermogen tot zelfreflectie.

Stephen Covey schreef in zijn bestseller ‘The seven habits of highly effective people’ honderden jaren van filosofische en psychologische inzichten bij elkaar. De kern van zijn betoog is dat je als mens hard aan jezelf dient te werken en je karakter dient te vormen. Eerst met jezelf in het reine komen, voordat je werkelijk met anderen kunt samenwerken. Jezelf grondig leren kennen – je doelen, je karakter, je onhebbelijkheden, je tijdsbesteding – en vervolgens anderen ècht proberen te begrijpen om daarna tot synergie en samenwerking te komen. En dat een leven lang…

Beïnvloeden: nemen of geven?

Hoe iemand invloed uitoefent heeft te maken met het innemen van een basispositie: neem jij zelf alle ruimte, of gun je juist ruimte aan de ander? Mensen die zelf veel ruimte innemen zenden veel informatie, stellen graag grenzen, geven richting aan en stellen doelen. Dat schept duidelijkheid. Ze duwen de ander als het ware in een richting. De energie om te veranderen komt als het ware van buitenaf. Het is natuurlijk maar de vraag of die ander zich daarvoor gemotiveerd voelt.

Mensen die juist veel ruimte aan de ander gunnen stellen vaak vragen, luisteren aandachtig en betrekken anderen bij besluiten. De ander wordt als het ware een richting in getrokken. Ze werken zo aan draagvlak en betrokkenheid en de energie komt hier als het ware van binnenuit. Natuurlijk is het maar de vraag of dat wel snel genoeg gaat. Dus wat is het nou: ruimte geven of ruimte nemen?

Werken is een sociale aangelegenheid. Relaties op de werkvloer worden door allerlei kleine en grote uitwisselingen tussen mensen elke dag gevormd, versterkt of juist teniet gedaan. Beïnvloeden betekent letterlijk en figuurlijk geven en nemen. Hieronder volgen vijf praktische stappen op weg naar meer invloed, volgens het uitwisselingsmodel van Cohen en Bradford en in de geest van Covey.

De 1e stap op weg naar meer invloed: Ken jezelf

Weet je hoe je naar anderen of jezelf en de wereld kijkt? Ken je je kwaliteiten en valkuilen? Weet je wat je nog te leren hebt? Weet je wat er van je verlangt wordt in je werk? Weet je wat nu precies het doel is van je project, van je opdracht, van wat je met je loopbaan of wat je met je leven wilt bereiken? En goede doelen zijn de moeite waard, ze motiveren jou om je ervoor in te spannen en ze gaan dus bij voorkeur over zaken die jij echt wilt. Ze zijn concreet: ‘er is iets klaar als het klaar is’. En tenslotte kun ze in de tijd plaatsen, zodat je ook kunt vaststellen of ze bereikt zijn.

Stap 2: Leer de wereld van anderen kennen

Dat betekent je huiswerk doen en weten met wie je werkt, wie welke belangen, doelen en interesses heeft. Maar het betekent in je dagelijkse contacten dat je écht probeert te luisteren naar anderen op zo’n manier dat die anderen dat ook merken, met name aan de vragen die je stelt, de samenvattingen die je geeft wat hetgeen men je vertelt, aan het doorvragen op de informatie die je krijgt.

Stap 3: Ken en gebruik je wisselgeld

Nogmaals: sociale relaties draaien onder meer om wederzijdse uitwisseling. Tegenover het denken in schaarste (het idee dat veel mensen denken dat zij moeten winnen en dus dat de ander moet verliezen. Anders gezegd: dat ‘iets’ altijd ten koste gaat van ‘iets anders’) plaatst Covey het denken in overvloed: er is genoeg ruimte om tot win-win-relaties te komen. Iedereen beschikt wel over iets dat voor de ander interessant is. De lijst van – sociaal – wisselgeld is lang. Het eenvoudigste wisselgeld ligt voor het oprapen: een ander helpen, en complimenten geven. Maar dat is slechts het begin. Wat heb jij allemaal te bieden?

Stap 4: Neem initiatief en handel

Neem zelf het initiatief om zaken te bespreken en om duidelijk te communiceren wat je wilt en wat je te bieden hebt. Assertieve communicatie betekent uitnodigend en duidelijk opkomen voor je belangen en samen zoeken naar een vergelijk. Grenzen stellen wanneer dat nodig is, en grenzen verleggen wanneer dat kan. Duidelijk en specifiek zijn in je complimenten, omdat die krachtig helpen om gewenst gedrag van anderen in stand te houden. En ook: anderen duidelijk maken wat jouw aandeel is geweest in een bepaalde klus of in een behaald succes – zonder jezelf voortdurend op de borst te slaan.

Stap 5: Werk aan de relatie

Aardig zijn loont en geduld is een schone zaak! Sommigen denken dat aardig zijn betekent dat je alles maar goed vindt. Of dat je een ‘zacht ei’ bent dat ten prooi zal vallen aan diegenen die het machtsspel keihard spelen. Dat is een vergissing. Aardig zijn wil zeggen dat je op een uitnodigende manier met anderen omgaat en communiceert en tegelijkertijd ook je eigen belangen en grenzen in het oog houdt: wees zacht op de mensen en hard op de zaak.

Je ziet het: een pleidooi voor karaktervorming, praktisch handelen en gerichtheid op de ander. Je kunt er vandaag al meteen mee aan de slag.

Wat ga jij vanaf nu anders doen om meer invloed te hebben?

Wil je samen met onze coaches aan de slag met het toepassen van deze tips op weg naar meer invloed? Neem contact op.

De auteur van deze blog: Diem Wolff

Diem WolffAls arbeids- en organisatiepsycholoog en organisatie-adviseur coacht Diem individuen en teams, geeft hij trainingen en workshops, doet hij psychologisch onderzoek en adviseert hij organisaties over de inzet en ontwikkeling van mensen.